De spaarrekeningen doen het bijzonder slecht. De rente is intussen op een historisch dieptepunt terechtgekomen. Iedereen heeft uiteraard een spaarbuffer nodig, ook al levert dat sparen maar weinig op. Eenmaal die spaarbuffer opgebouwd is, lijkt het toch interessanter om te beleggen. Beleggen is dan inderdaad een verstandige manier om hogere winsten te boeken. Beleggen houdt echter ook risico’s in: daarom is het belangrijk goed op de hoogte te zijn van de verschillende beleggingsinstrumenten en de markt waarop je je begeeft.

Wat is beleggen?

Een belegging kan omschreven worden als een geldelijke investering met als doel daar financieel voordeel uit te behalen. Het is het opgeven van een bepaald bedrag in ruil voor een eventuele winst. Alhoewel een spaarrekening ook onder deze definitie lijkt te vallen, maken economen toch een onderscheid tussen sparen en beleggen.

De hoofdbestanddelen van een belegging zijn met andere woorden:

  • Het uitzetten van geld;
  • Met het doel om winst te maken;
  • En het risico om verlies te lijden.

Het uitzetten van geld

Een eerste element van beleggen is het uitzetten van geld. Aangezien beleggen altijd een risico inhoudt is het belangrijk dat u het geld op korte termijn niet nodig heeft en dat het risico op verlies dan ook te verantwoorden valt. U koopt daartoe effecten die een bepaalde prijs hebben (hun koers) die kan stijgen of dalen. Deze koers is afhankelijk van een evenwicht tussen vraag en aanbod.

Met het doel om winst te maken

Het voornaamste doel van beleggen is uiteraard winst maken. Indien u bijvoorbeeld aandelen koopt, dan zal uw rendement bestaan uit de rente-inkomsten en de koerswijziging. Iedereen hoopt natuurlijk op een positieve koerswijziging, maar dat valt uiteraard niet te garanderen.

En het risico om verlies te lijden

Indien de koerswijziging van een effect negatief verloopt zal u verlies lijden, dat is de spijtige realiteit van de beleggingswereld. Dat is het risico van beleggen: u leeft gelijktijdig in de hoop dat u winst zal maken als in de onzekerheid dat u verlies zal lijden. Nog specifieker geldt eigenlijk het principe dat tegenover een groter risico ook een grotere kans bestaat tot een hoger rendement. Om het risico in te dekken kan men bijvoorbeeld in verschillende effecten beleggen: winsten en verliezen zullen elkaar dan compenseren waardoor er geen al te grote winsten of verliezen kunnen geboekt worden. Een beperkt risico resulteert dus ook in beperkte potentiële winsten. De beslissing hoeveel risico gelopen wordt, hoort toe aan de belegger.

Beleggingsinstrumenten

Nu u weet wat beleggen concreet inhoudt, is het ook belangrijk om de verschillende beleggingsinstrumenten te kennen. Onderstaand overzicht schetst een bondig inzicht in wat deze instrumenten zijn en wat hen al dan niet interessant maken.

Aandelen

Wanneer je een aandeel koopt, koop je eigenlijk een deelname in het eigen vermogen van een onderneming. Als aandeelhouder heb je in zo recht op dividenden en bezit je een stemrecht op de algemene vergadering van aandeelhouders (de statuten van de onderneming kunnen echter eisen stellen aan de toegang tot deze algemene vergadering). De koers van een aandeel fluctueert op basis van een verhouding tussen zowel de vraagcurce als de aanbodcurve: de koerswaarde is het evenwichtspunt tussen beide curven.

Indien een onderneming winsten boekt, zal het vaak ook dividenden uitkeren aan hun aandeelhouders. Dat is een eerste deel van de winst. Een onderneming die het goed doet zal bovendien gewild zijn op de effectenmarkt: de vraag zal toenemen terwijl het aanbod dat niet meteen hoeft te doen. De waarde van het aandeel zal stijgen en winst ligt in het vooruitzicht. Echter: het omgekeerde geldt wanneer een onderneming het slecht doet. We zijn opnieuw aangekomen bij het economisch risico van de beleggingswereld.

Obligaties

Een obligatie is een schuldbewijs met een vast bepaalde looptijd. U leent dus geld uit aan een bedrijf of een natie (Staatsobligatie) in ruil voor een terugbetaling op een vaste datum plus een vaste rente. Uw inbreng maakt geen rechtstreeks deel uit van het eigen vermogen van de onderneming en u hebt dus ook geen stemrecht of eigendomsrecht, louter een vorderingsrecht op het einde van de looptijd. Het risico van een obligatie is duidelijk lager dan die van een aandeel, maar zo ook de potentiële winst.

Trackers

Een tracker (Exchange Traded Fund of indextracker) is een beleggingsmiddel met als doel het volgen van een bepaalde index door dezelfde waarde en weging van die index aan te houden. Het grootste voordeel van een tracker is de lagere beheerskosten een iets hogere mate van zekerheid: door de evolutie van de index te volgen loopt men niet het risico om slachtoffer te worden van een slecht evoluerend fonds.

Warrants

Warrants vormen een ietwat ingewikkelder beleggingsinstrument. Het is eigenlijk een effect die een bepaald recht geeft om aandelen te kopen of te verkopen tegen een vooraf bepaalde waarde. Men weet dus niet hoe een bepaalde koers zal evolueren, maar men spreekt wel al een bepaalde waarde af waarvoor men op een bepaald moment het aandeel kan aankopen. Uiteraard hoop je een aandeel veel goedkoper aan te kopen of veel duurder te verkopen. Hoe dan ook koop je met een warrant louter een optie die je het recht geeft om te kopen of te verkopen, maar je kan niet verplicht worden om dat daadwerkelijk te doen.

Beleggingsfondsen

Een beleggingsfonds is een vermogen beheerd door een fondsbeheerder. De fondsbeheerder gaat het vermogen samenstellen en beheren door allerhande effecten aan te schaffen, al dan niet binnen een bepaald thema (bv. een beleggingsfonds in vastgoed). Indien je investeert in een beleggingsfonds, koop je eigenlijk een aandeel in de vennootschap van dat fonds. Toch kan je het niet zomaar als een aandeel beschouwen: de resultaten van het fonds hangen niet enkel af van de onderliggende instrumenten, maar een fonds keert ook zelden dividenden uit.

Sprinters, turbo’s en speeders

Met deze instrumenten kan je snel inspelen op marktverwachtingen. Ze bezitten een stop-loss waardoor ze nooit negatief kunnen worden bij verlies. Eigenlijk beleg je maar in een bepaald deel van de waarde, de emittent financiert de rest. De hefboomwerking zorgt ervoor dat ze een groot winstpotentieel hebben ten opzichte van een beperkte inleg, het risico is echter dat je je inleg volledig kan verliezen.

Structured Products

Dit zijn effecten die door banken zijn uitgegeven. Ze bezitten een vaste looptijd en een terugbetaling die niet vaststaand is maar gebonden aan externe evoluties zoals de goudindex. Het combineert met andere woorden de zekerheid van een obligatie (de vaste looptijd) met de onzekerheid van andere beleggingsinstrumenten.

Tot slot

Voorgaand overzicht is hoe dan ook te beknopt om een uitgebreid inzicht te krijgen in de verschillende beleggingsinstrumenten. Belangrijk om na deze inleiding te onthouden is dat beleggen altijd risico’s inhoudt. De hoegrootheid van die risico’s zijn recht evenredig met de hoegrootheid van potentiële winsten, als belegger hoor je daar steeds van op de hoogte te zijn.